Cedrique, Sophie en Wouter
14 April 2026

Geen koudwatervrees meer voor bouwen met donorgebouw

Schiehaven Noord, een gebied dat ontwikkeld wordt in het Lloydkwartier, is aangewezen als Paris Proof-tuin: er wordt gebouwd met minimale CO2-uitstoot. Een slimme manier daarvoor is hergebruikte materialen toepassen. Afgelopen zomer deed de gemeente daartoe een opvallende oproep: ‘donorgebouw gezocht’. Heeft die oproep gewerkt? Zijn er daadwerkelijk tweedehands gebouwen aangeboden om in Schiehaven Noord opnieuw te gebruiken? Zover is het nog niet, maar: “dankzij vele gesprekken weten we nu veel beter wat we willen.”

“Een van de strategieën om onze CO2-uitstoot fors te beperken, is zoveel mogelijk met gebruikte materialen bouwen”, vertelt Cedrique Noordman-Steenkamer, coördinator ‘Paris Prooftuin’ Schiehaven Noord bij de afdeling Circulair van de gemeente. “Een heel ‘donorgebouw’ hergebruiken zou een grote klapper zijn – dat scheelt enorm veel primaire grondstoffen en CO2-uitstoot. Maar er is nog weinig ervaring met hoe zo’n zoekproces naar een geschikt donorgebouw verloopt. Daarom plaatste de gemeente vorig jaar tijdens de Rotterdamse Architectuur Maand als proef een groot bouwbord middenin het gebied, met daarop ‘donorgebouw gezocht’. Het was vooral bedoeld als verkenning, zegt Cedrique. “We hadden geen idee wat er aan donorgebouwen beschikbaar is in de regio. Ook wilden we weten wat er allemaal bij deze werkwijze komt kijken. We waren dus vooral benieuwd naar verhalen uit de praktijk.”
 

Verschillende partijen meldden zich

Cedrique en haar collega’s ontvingen behoorlijk wat reacties. “Veel meer partijen dan we hadden verwacht meldden zich voor een gesprek over hun kennis en ervaring. Een woningcorporatie met een sloopopgave bijvoorbeeld. Zij hebben natuurlijk veel aanbod van gebruikte materialen en vroegen of die interessant voor ons waren. Helaas matchten het volume van het materiaal en de planning van de sloop niet met wat wij zochten. Maar de projectmanager van de woningcorporatie was wel enthousiast over het idee en ging zelfstandig verder met zijn verkenning naar hergebruik.” Verder meldden zich onder andere een adviseur die helpt om het proces voor het matchen van materialen te versoepelen. En een aantal sloopbedrijven die materialen ‘oogsten’: zij demonteren ze met hergebruik als doel en maken er soms zelf weer producten van.


Veel geleerd van gesprekken

Cedrique en haar collega’s hebben veel geleerd van de partijen die ze spraken. “Bij de sloop van jaren-zestig- en -zeventigwoningen met bakstenen gevels blijk je bijvoorbeeld het cement eraf te kunnen tikken, zodat je weer een mooie baksteen krijgt om opnieuw te gebruiken. Dat wisten we niet. En we leerden dat je de aluminium gevelbeplating uit industriehallen goed kunt hergebruiken. En dat vloeren een hoge CO2-impact hebben, dus dat je die bij voorkeur van donormateriaal voorziet. Nou moeten vloeren voor woningbouw wel aan een aantal eisen voldoen, onder meer voor brandveiligheid en geluidsisolatie. Voor beganegrondvloeren gelden minder strenge eisen, dus daar lijkt donormateriaal toepassen haalbaar.”

Ook intern bracht oproep iets teweeg

Cedrique: “Ik ben blij met deze opbrengst. We hebben nog niet hét donorgebouw aangeboden gekregen, maar wel veel interessante gesprekken gevoerd, waarin allerlei nieuwe perspectieven naar voren kwamen. De partijen die op ons afkwamen vonden het tof dat wij deze oproep hadden gedaan. Ze waren vooral enthousiast over het feit dat we hier al aan het begin van het proces over nadenken.” Ook intern heeft de oproep iets teweeg gebracht, merkt Cedrique. “De koudwatervrees is er vanaf, zowel bij ons als bij collega’s. Ook bij andere bouwprojecten binnen de gemeente zijn donorgebouwen of -elementen steeds vaker een optie om te overwegen.”

 

Match tussen donorgebouw en doelgebouw is niet makkelijk

Ondanks deze positieve ontwikkelingen moet er nog heel wat gebeuren om bouwen met een donorgebouw gemeengoed te laten worden. Dat ziet niet alleen Cedrique, maar ook Sophie Duran en Wouter Streefkerk, beiden als adviseur duurzaam bouwen bij de gemeente betrokken bij de gebiedsontwikkeling M4H, een stukje verderop. Ook daar liggen de ambities hoog, met name op circulair gebied. Maar een match vinden tussen een donorgebouw en een ‘doelgebouw’ – het gebouw zoals dat uiteindelijk opnieuw gebruikt gaat worden – is geen sinecure, weet Wouter. “Om het te laten slagen heb je kennis nodig over onder meer certificering, het beoordelen van de constructieve mogelijkheden, de haalbare toepassingen van een donorgebouw en het tijdelijk opslaan van de gebouwdelen. Oftewel: wat kun je eigenlijk met een gebouw dat aangeboden wordt? Wij missen momenteel de expertise om dat goed te kunnen bepalen.”

 

Kennis- en Innovatiesubsidie aangevraagd

Om tot een goede match te komen, heb je verschillende mensen nodig, legt Sophie uit. “Het gaat enerzijds om technische expertise: mensen die goed kunnen beoordelen of een donorgebouw aan bepaalde eisen voldoet. Maar we hebben ook ondersteuning nodig bij het proces. Iemand die de juiste mensen bij zo’n beoordeling van een donorgebouw betrekt, bijvoorbeeld.” Om de juiste expertise te kunnen inzetten, vroegen Sophie en Wouter een interne Kennis- en Innovatiesubsidie aan bij de afdeling Stadsontwikkeling. In oktober kregen ze die toegekend, samen met financiering door Rotterdam Circulair. “Daardoor konden we specialisten van circulair adviesbureau Brokkenmákers inhuren om samen met ons dit proces goed in te richten. Want benoemen waarom iets niet kan, kan iedereen. Maar binnen M4H leren we door gewoon te gaan doén.”

 

Iedereen meenemen in het verhaal

De komende tijd gaan Sophie en Wouter onder meer workshops doen met collega’s van andere afdelingen. Om succesvol te kunnen bouwen met donorgebouwen, moet je immers iedereen meenemen in je verhaal, zegt Wouter. “Dat verhaal is: ‘met een donorgebouw zetten we een grote stap richting onze ambitie, maar zonder de goede voorwaarden gaat het zeker niet vanzelf’. We hebben bijvoorbeeld óók onze collega’s van Gebiedsontwikkeling nodig – met hen gaan we verkennen welke ruimte de circulaire economie nodig heeft. En met collega’s van Vastgoed kijken we welke tools we al hebben om donorgebouwen goed te kunnen beoordelen.” 

 

Binnenkort een specifieker boodschappenlijstje

Ook al is hét donorgebouw nog niet op hun pad gekomen, Cedrique, Sophie en Wouter gaan vol goede moed verder met de zoektocht. “Deze eerste poging was puur een brede verkenning”, zegt Cedrique. “Binnenkort komen we met een specifieker ‘boodschappenlijstje’, omdat we nu beter weten wat we willen.” Wouter: “Het is inderdaad belangrijk om onze vraag goed inzichtelijk maken, maar ook het aanbod. Om een goed passend gebouw te vinden, moeten we in kaart brengen wat er wanneer vrijkomt, welk volume het heeft, uit welke materialen het bestaat, enzovoort.” Cedrique vult aan: “Voor woningen zitten daar natuurlijk heel strenge eisen aan. Maar bijvoorbeeld bij parkeergarages valt dat best mee: het hoeft er niet behaaglijk te zijn en je hoeft er bijvoorbeeld niet in te slapen. Voor de functie van een parkeergarage zie ik het wel voor me dat we binnen niet al te lange tijd een donorgebouw vinden en kunnen toepassen in Rotterdam.”

Delen via

Meld je aan voor de Rotterdam Circulair Nieuwsbrief

Schrijf je in voor de nieuwsbrief
logo port of rotterdam
logo provincie zuid-holland
Logo DCMR Milieudienst Rijnmond
logo blue city
Gemeente Rotterdam logo